vrijdag 11 januari 2008

Westcoast

Het fietsen ging weer een beetje stroef na een week niet fietsen. Gelukkig was de eerste etappe naar Lake Hawea niet ver en het weer goed. De camping was nogal vol, maar we dachten toch een aardig plekje te hebben gevonden. Hmm, we hadden niet goed opgelet. De buren bleken nogal luidruchtig te zijn. Tess had ons al gewaarschuwd: de Kiwi's houden ervan om met een aantal tenten een soort fort te bouwen op de camping rond kersttijd. En dat kan lawaai geven. We hebben de tent maar wat verplaatst. Lake Hawea:

Naar Makarora was het alweer goed weer en zelfs de wind zat mee:

Makarora zelf was niet veel, maar er was een camping en een restaurant. Een heleboel plaatsjes waar we komen stellen niet veel voor, maar door onze kleine dagafstanden zien we ze toch. En dat heeft juist ook wel weer wat.
Het was er wel heel mooi en leuk was dat we hier twee vogels zagen die Puck en ik daarvoor in het birdlife park in Queenstown hadden gezien: de Wood pigeon en de Tui. Deze laatste maakt een heel gezellig geluid. De Maori's hielden hem als huisdier.

Over de Haast pas hebben we getwijfeld, maar we hebben toch maar de bus genomen. Er zat een lang stuk bij zonder dat we proviand konden inslaan. En de fietsgids zei dat dit traject berucht is om de irritante sandflies. Bovendien hebben we niet genoeg tijd om alles te fietsen in Nieuw Zeeland. Vanwege dit laatste hebben we de bus dus maar voor een lang stuk genomen, helemaal naar Franz Joseph Glacier. Voetballen op de camping met de wereldbol: Goal!


We kregen onderweg wel spijt dat we de Haast pas toch niet hebben gefietst: het leek goed te doen en was heel mooi. Maar bij de steile stukken bij Fox Glacier en Franz Joseph waren we blij dat we in de bus zaten.

Toen we de Haast pas over waren zagen we eindelijk de Varen, het symbool van Nieuw Zeeland dat in alle logo's voorkomt. En inderdaad, hier aan de groene westkust stikt het ervan.


We zijn meteen maar een dag extra gebleven bij Franz Joseph Glacier. Om de gletsjer te gaan bekijken natuurlijk:

We konden er bijna naartoe fietsen. Vanaf de parkeerplaats (wij waren de enige fietsers) was het nog wel een uur lopen en dat is heel wat voor Puck en Jip. Het laatste stuk ben ik alleen met Puck gegaan. En ik heb haar ook nog een stuk moeten dragen, maar zo'n gletsjer is (ook voor een rotsklimmer – eigenlijk boulderaar - als ik) toch de moeite waard om te bekijken:


De volgende dag werden we wakker in een zeer natte regenbui. Het campingterrein stond blank en wij hadden een beetje pech met de plek van de tent. De plassen stonden in de voortent. We wisten van de weerberichten al dat het weer minder zou worden, maar zoveel natheid hadden we ook niet verwacht. Maar we hebben toch onze voorgenomen etappe afgelegd, onafgebroken in de regen:

Gelukkig wachtte in het gehucht Whataroa een cabin. Die hadden we wel verdiend. En we konden mooi weer alles laten drogen (met de electrische verwarming op 10):

De dag na de regendag was weer droog. We zagen onderweg nog een stuk weg dat was weggeslagen. Ook voor Westcoast-begrippen was het blijkbaar behoorlijk nat geweest. De overnachting bij een onbemande camping aan een meertje was weer zeer sfeervol...:


... maar de sandflies waren irritant. Je krijgt er jeuk van die langer aanhoudt dan bij een muggebeet. Ik had de volgende dag geen zin in nog een camping met sandflies en dacht dat de stadscamping in Hokitika daar minder last van zou hebben. Hmm, de camping viel tegen, maar er waren nauwelijks vliegjes. Onderweg kwamen we de Nieuwzeelandse “Pukeko” tegen. Dit is een loopvogel (kan een beetje vliegen), waarvan we thuis al heel lang een knuffel hebben. En we hebben hier net een boekje gekocht: “Perky the Pukeko”. We zijn blij dat we hem nu in het echt hebben gezien:

De zee bij Hokitika was imposant:

... maar verder was Hokitika niet zo leuk dat we er lang wilden blijven.

Het stuk tussen Hokitika en Greymouth zou “heavy traffic” hebben. We besloten dus weer de bus te nemen. Heel handig, die kan je gewoon 's avonds om 10 pm nog bellen. Toen de bus de volgende dag kwam, bleken we echter niet op de lijst te staan. En op fietsen had de chauffeur al helemaal niet gerekend. Gelukkig kon alles toch mee, door de fietsen in het gangpad te plaatsen:

In Greymouth hoefden we ook niet te zijn, dus uit de bus zijn we meteen doorgefietst naar Punakaiki, beroemd vanwege de Pancake Rocks. Prachtige weg langs de kust. Lekker heuvel op, heuvel af. Daar word je dus toch behoorlijk moe van.
Sfeerfoto's onderweg:

Jip en Dirk hebben allemaal jadegevonden op het strand:
Onderweg passeerden we de 1000 km grens van deze vakantie. En in Punakaiki zijn we nu. Foto's volgen later.

1 opmerking:

susanne zei

Wat een prachtig land! Erg mooie foto's. Daar krijg je zin van om op reis te gaan.
Erg leuk ook dat jullie de +en en -en van de dingen die je ziet/meemaakt benoemen.

By the way: een gelukkig 2008!
Het jaar is voor jullie in ieder geval goed begonnen!

Nog een boeiende reis toegewenst!

Groeten, Susanne (Bron-vdJ)